Interview met Adrie Braat (Dutch Swing College Band)

Adrie Braat draaide als kind al de plaatjes van de Dutch Swing College Band. Adrie was 33 jaar toen de legendarische Peter Schilperoort hem vroeg om mee te spelen in deze band. Een jongensdroom werd waarheid. Inmiddels ruim 30 jaar later peinst hij er nog niet over om te stoppen. Hij voelt zich beslist nog niet oud: “Want muziek houdt je jong.” Het is hoog tijd voor een kennismaking. Ik had een zeer prettig gesprek met deze entertainer over zijn enthousiasme voor het vak en hoe hij in het leven staat.

Interview: Mirjam Preusterink
Foto: Roy Beusker

Hoe vindt u het om onderdeel te zijn van de Dutch Swing College Band? “Als kind draaide ik al de muziek van de band en probeerde dan mee te spelen. En dat ik er nu een lid van mag zijn, is geweldig. De naam alleen is al zo legendarisch. De muziek is traditionele jazz. Heel veel musici willen graag bij de band spelen, maar een select aantal heeft dit geluk. We zijn een kleine groep met 6 muzikanten, dat heeft daardoor een goede wisselwerking met het publiek. We willen beslist geen stoffig jazzorkest zijn. Er wordt wel eens gezegd: jazz is toch helemaal niet meer van deze tijd. Misschien in Nederland, maar in veel andere landen is het razend populair.”

Waar bijvoorbeeld? “In Taiwan. Voor de coronapandemie, speelden we daar in een park tussen de wolkenkrabbers, allemaal jonge Taiwanezen waren aan het picknicken. De band begon Ice Cream en When the Saints go marching in te spelen. Het publiek werd razend enthousiast, zong en danste met de muziek mee.”

Houdt u ook van andere muziek, behalve jazz? “Ja, klassieke muziek. Ik neem echt de tijd om te luisteren. Wanneer ik een plaat draai, dan blijf ik erbij zitten. Er is een groot verschil tussen muziek opzetten en er werkelijk naar luisteren. Ik heb een grote collectie platen en cd’s, een hele wand vol in de woonkamer. Mijn moeder leeft helaas niet meer, maar wanneer ze bij mij kwam zei ze altijd: “Tjonge jonge, het lijkt wel een platenzaak hier. Kun je het niet wat gezelliger maken? (Adrie lacht)”

U heeft twee zoons. Hebben zij de muzikale genen van hun vader? “Jochem is de oudste en heeft klarinet en piano gestudeerd. Hij geeft les op het conservatorium in Utrecht en begeleidt Nederlandse artiesten bij hun optreden, o.a. Ellen ten Damme en Wouter Hamel. En Casper, de jongste is beeldend kunstenaar. Hij exposeert veel en woont net als zijn broer in Amsterdam. Ik ben ontzettend trots op hen.”

U heeft een druk leven, is er nog wel tijd voor hobby’s? “Jazeker, ik hou erg van koken. Dit doe ik regelmatig voor mijn gezin en vrienden. En sinds ik een aantal keren met de band naar Thailand ben geweest, volg ik Thaise taalles. Wanneer je de taal spreekt, wordt dat door de bevolking zeer op prijs gesteld. Ik heb wekelijks via Skype les van een lerares die in Bangkok woont. (Adrie lacht) Iedereen aan wie ik dit vertel, vraagt zich af of ik misschien een Thaise vriendin heb.”

Is vriendschap belangrijk voor u? “Vrienden zijn mij heel dierbaar. Hier maak ik altijd tijd voor vrij.”

Hoe blijf u fit en vitaal? “Spelen in de Dutch Swing College Band is te vergelijken met topsport. Soms vliegen we de halve wereld over om een kwartier te spelen. Ik moet zorgen dat ik in goede conditie blijf, ik wandel elke dag anderhalf uur. Dan gebeurt er van alles in mijn hoofd en kom ik op de mooiste ideeën. Ik raad het iedereen aan.”

Kunt u zo’n ingeving benoemen? “Eén van die ideeën, dat is ontstaan tijdens zo’n wandeling, is het Ministry of Jazz. Een wervelende show, waarmee we binnenkort, in maart en april, de Nederlandse theaters in gaan. In dit optreden staat het ontstaan en de ontwikkeling van de traditionele jazzmuziek in Azië, USA en Europa centraal. Wij hebben vier internationale gast-solisten uitgenodigd: een trompettist en een slagwerker uit New Orleans, een altsaxofonist uit Thailand en een Japanse klarinettist. Deze musici behoren tot de belangrijkste vertolkers van de Classic Jazz in hun regio. Het belooft een wervelende show te worden, met videobeelden geprojecteerd op decorstukken en een spectaculair lichtontwerp. Hierdoor krijgt de muziek een extra dimensie.”

Heeft u een levensmotto? “Wanneer je wat wilt bereiken, dan moet je er volledig voor gaan. Je moet er hard voor werken, het komt niet vanzelf. Soms moet je er andere dingen voor laten staan. En wat ook belangrijk is, volg je gevoel en impuls. Wanneer je ergens in gelooft, dan kun je dat bereiken.”

Kunt u zichzelf omschrijven? “Optimistisch, ondernemend, organiserend en genietend van het leven.”

Wat vindt u belangrijke karaktereigenschappen van de bandleden van De Dutch Swing College Band? “Je bent het hele jaar met elkaar op pad en daardoor een soort familie. Met je familie kun je ook niet altijd door één deur, maar we zijn een leuke groep mensen. We gaan voor een optreden altijd eten en nadien wat drinken met elkaar. En op het moment dat je op het podium staat, maak je samen geweldige muziek.”

Wanneer bent u het gelukkigst? “Tijdens zoveel momenten, maar vooral wanneer iets op zijn plek valt. Dan stijg je boven jezelf uit, dit gebeurt wel eens tijdens een optreden. Alles klopt dan: de muziek, de samenwerking, het publiek en de locatie. Dit gebeurde onlangs tijdens een optreden in Hamburg. Dat emotioneert mij enorm op zo’n moment.”

Bent u ook wel eens te kwetsen? (Adrie lacht) “Ja, maar dat ga ik niet zeggen.”

Ik interview u nu. Maar wie zou u graag willen interviewen? “Bernard Haitink, helaas is hij overleden. Ik had hem willen vragen, hoe hij zijn kijk op het leven wist om te zetten in de muziek. Dat vind ik wel heel fascinerend. En Jaap van Zweden. Hoe staat hij in het leven, wat is zijn drijfveer? Hij weet iedereen te inspireren, brengt daarmee het orkest op grote hoogte en dat is bepalend voor de muziek. Dat is een geweldige eigenschap.”

Wilt u de lezers van Vijftig+ nog iets meegeven? “Luister naar muziek. Niet alleen de radio aanzetten, maar echt luisteren. Laat je meevoeren door de muziek, dat zorgt voor veel mooie emoties.”

Nog meer Dutch Swing College Band en Adrie Braat
De Dutch Swing College Band werd opgericht op 5 mei 1945. Op Bevrijdingsdag is het gestart als een amateur/studenten combo, nadat het spelen van muziekinstrumenten tijdens de Tweede wereldoorlog jarenlang verboden was geweest. In 1960 werd het een beroepsorkest en de bezetting is in de loop der decennia uiteraard steeds aangepast. Inmiddels is deze groep muzikanten uitgegroeid tot een wereldwijd bekend jazz-ensemble, dat inmiddels alle continenten heeft bezocht